Deze week nog, God’s voorjaars-vuurwerk Stinzenplanten

Tuinbaas van het Poptaslot, Jan Kuppens, op de achtergrond de kastanje die Roodbaard (1845) nog plantte

Dokter Rypke brengt eerst het slechte nieuws: dankzij de triomf van Marxistisch nihilisme in het Westen, maatschappij-verwijving en onderwijs-vernieling, zijn er over 10 jaar geen jonge hoveniers meer met kennis van stinzenplanten rond Friese States.

Dus al die prachtige Stinzentuinen verdwijnen in onze generatie, het in 2005 opgerichte Gilde der Tuinbazen redt nu al wat er te redden valt.

Niet ‘de natuur’ is bedreigd in het Westen. Maar de cultuur die met natuurwaarden van Nederland verweven was, en de bijbehorende mentaliteit van kennis en aandacht. Het goede nieuws, dat zie je al in de foto’s: er is nog veel moois, en ga dat vooral zien!

Bostulpen bij Poptaslot, een 6 eeuwen oude stins, een Fries kasteeltje

Tuinbaas van het Poptaslot bij Marsum, Jan Kuppens vertelde dat ze bijna geen stagiaires kunnen krijgen om alle prachtige stinzentuinen en siertuinen in Nederland te onderhouden. Dat je dus uit het buitenland jongelui moet importeren, die hun vingers nog in de grond willen steken. Het Gilde van Tuinbazen legt hun beroep als volgt uit:

Een belangrijk deel van het Nederlandse cultuurlandschap bestaat uit monumentaal historisch groen. Dat zijn de eeuwenoude landgoederen, tuinen van kastelen, historische buitenplaatsen en kloosters, stadsparken, hortussen en pineta. De bijzondere kwaliteit van deze plaatsen wordt bewaakt door de tuinbaas.

Klinkt als een nobele roeping. Ik kwam Kuppens toevallig tegen bij het bekijken van de prachtige Heringa-state. Dat bijna 600 jaar oude Friese kasteeltje heet in de volksmond Poptaslot.

In onze nieuwe milieu-filosofie het Ecomodernisme kiezen we juist expres De Tuin als model voor natuurbescherming. Net als Erik de Jong van Artis, maar ook Seger van Voorst tot Voorst van de Hoge Veluwe. Niet in ‘Wildernis’ ligt het behoud van de wereld (de aan Henry David Thoreaux toegeschreven uitspraak, die hij van Waldo Emerson oppikte) maar In Gardens Lies the Preservation of the World. 

De mens kan ook een constructieve rol in de natuur vervullen, zeker in de door duizenden jaren menselijk ingrijpen gevormde menselijke natuur van Europa.

Martenastins met Holwortel

Het Paradijs is niet voor niets een Perzisch woord voor Ommuurde Tuin, een plek waar je condities voor inspiratie kweekt, en waar (gepolitiseerde) chaos en ellende buiten blijft. Schilderen met planten.

De hang naar Wildernis is – net als de Milieuhysterie- cultuur-Marxisme, haat tegen cultuur ge-ent op Jean Jacques Rousseau. Dat was niet toevallig ook Karl Marx zijn inspirator, en de inspirator van koppensneller Robespierre. Die hielp met de Guillotine de Franse Adel en Geestelijke Stand om zeep  bij de Franse Revolutie. (1789)

Wildernis is – in Nederland althans- natuur voor mensen die achter het bureau plakkend de hele planeet willen redden zonder zich in te spannen.

Meer iets voor Amerika met haar grote National Parks. Ieder zijn natuur. Wij hebben in Nederland juist mooie hoven en tuinen. Daarom deze speciale aandacht voor tuinen op Interessante Tijden, waar je voor God kunt spelen op je eigen vierkante meter.

Bostulpen en holwortel-varieteiten in Martenatuin

In de ochtend fotografeerde ik in de Martenatuin in Franeker al het Goddelijke Vuurwerk van voorjaarshelmbloem, holwortel, bostulpen, longkruid, bosanemonen, voorjaarsklokjes, en een blauwig bloempje dat het houdt tussen een maagdenpalm en Chionodoxa.

De kastanje die Roodbaard (1851) nog plantte bij het Poptaslot, hier met voorjaars-helmbloem

In de tuin van het Poptaslot staat nog een bijna 180 jaar oude kastanje, die in 1845 door de Leeuwarder tuin-architect Lucas Pieters Roodbaard (1782-1851) nog is geplant. Roodbaard importeerde de hier al beschreven Engelse landschaps-stijl die Capability Brown ontwikkelde. Het Amsterdamse bos is in die stijl ontworpen met bochtige waterpartijen.

Enige identificatie met Roodbaard is je dan niet vreemd. Engelse tuinen die Roodbaard in Friesland aanlegde zijn het Park Vijversburg in Tytsjerk, Vogelsanghstaete in Veenklooster en Landgoed de Klinse in Oudkerk.

Roodbaard, een nieuwe roeping…

Die Engelse stijl was een meer Romantische reactie op de Franse stijl van de Verlichting, die Andre Le Notre ontwikkelde onder Zonnekoning Louis de 14de, zoals in de tuinen van Versailles. Over de Zonnekoning zijn tuinier-passie kun je lezen in ‘The Sun King’s Garden’ van Ian Thompson.

Longkruid in Martenatuin

Kuppens is een klassiek geschoolde hovenier- en bevestigde met zijn mededeling- geen goed onderwijs meer- mijn vermoeden. Want je ziet het overal in de oprukkende tegeltuinen voor de onderhoudsarme hersenpan, je ziet het in de barbaarse en geldgerichte manier waarop clubs als Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer ons erfgoed verwaarlozen.

Je ziet het nihilisme in de manier waarop mensen met bomen omgaan, als houtige overlast-objecten die je vernietigen moet voor de open haard. Hoe gemeentes hun groen vernielen. Kaal, kaler, kaalst is het motto. Minimalisme.

Op de lagere school krijgen kinderen enkel les van Tinder-juffen, oftewel: kwakkelende met-zichzelf- bezig-meisjes, die alles eng en vies vinden. Terwijl die String-dingen van D66/Groen Links wel van wildvreemden die ze netto hooguit 24 uur ‘kennen’ de lul zuigen.

Een gonzende bloemenzee van holwortel en hommels

Ik zou liever mijn handen vies maken in de grond en plantjes zaaien, dan andermans wildvreemde zaad opslikken.

Tuinen zijn een uiting van beschaving en een mentaliteit. Iemand zonder geestelijke ontwikkeling, heeft 9 van de tien keer een tegeltuin voor de onderhoudsarme hersenpan met kale houten schutting.

Een wilde tuin toont ook wie je bent.

Voorjaarsklokjes, die vind je vooral veel in Zuid Duitsland, zoals in de Wutachschlucht

Exploratie in plaats van Exploitatie
Kenmerkend waren 3 langs-fietsende VMBO-meisjes, die op straat op de fiets keiharde herrie om zich heen hebben. Via de I-phone of gewoon een hele stereo mee de buitenlucht in. Alsof de Schepper deze 3 Tokkie-engeltjes de je wel ‘in hun waarduh moet latuh’ zo pardoes op me afstuurde, om dit punt te maken.

Dat is nu ‘normaal’ in de zin van ‘gebruikelijk’. En niemand zegt daar wat van, het is gebruikelijk geworden dat jongelui enkel nog van A naar B verplaatsen met lawaai om zich heen.

Hyacinthen

Ook als ze door het bos lopen met zingende vogeltjes, herrie op de oren en de ogen gefixeerd op de sociale aandachts-prikkels van de Facebook-fruitautomaat. In de hoop op 3XBAR, in de vorm van ‘likes voor MIJ’.

Natuur-exploratie is het tegendeel van die navelstreek-obsessie. Dat vraagt ‘aandacht voor je omgeving’, ook als het object van interesse niet direct met ‘jezelf’ van doen heeft.  Alle prikkels uit media en massa-cultuur zijn er juist op gericht je aandacht van die natuur weg te leiden.

Ze werken in op zelf-obsessie, het zwarte gat van je onstilbare ego, de muil die ‘meer meer meer’ roept.

En dat is louter om je kinderen naar de advertenties te leiden, de geest vullen met (politieke) rotzooi voor beinvloeding en exploitatie.

God’s voorjaars-vuurwerk met holwortel, voorjaars-helmbloem, Chionodoxa

.Holwortel, ook de narcis begon zijn Nederlandse carrière als stinzenplant maar verwilderde.

De meester brengt kinderen de kennis bij, de interesses in de natuur en de wereld aanwakkert buiten de navelstreek. Exploratie.

Ik kreeg van Meester Vijlstra in groep 5 de interesse voor roofvogels via een poster van Slijper in de klas en een voedertafel. Dat stimuleerde hij, en daar heb ik levenslang plezier van gehad.

Van Meester Bijl leerden we schaken.

Dikke hommel bestuift de Holwortel

Van Tinder-Stringjuffen – die al nauwelijks kunnen spellen en rekenen- leer je samen in een kring wat liedjes zingen en sociale rollenspelletjeszzzzz.

Vrouwen zijn geen cultuurdragers, wel cultuurvolgers. Dat er geen matriarchale culturen bestaan hoeft dan ook geen bewijs voor een patriarchaal complot te zijn, zoals Marx leert. Eerder een bewijs dat ALS ze al ontstonden, matriarchale culturen nooit lang stand hielden.

Vrouwen leren kinderen geen interesse voor ‘dingen in zichzelf’, maar alleen ‘interesse in zichzelf’. Daar past ook de meest gehoorde pseudo-ethische kreet bij ‘juh moet un andur in zun waarduh latuh‘: een ander in zijn eigenwaan laten. Een omslachtige formulering voor ‘kop dicht’.

Hommel valt aan bij Holwortel

Decennia Cultuur-Marxistische onderwijsvernieling maakten ook dat jongeren geen cultureel referentie-kader meer hebben. Geen kennis. Als je niet weet wat je ziet, dan zie je niks, en waardeer je ook niets buiten primaire driften: en dus schaf je eigenlijk de beschaving stapsgewijs af.

En dan…….kunnen jongeren ook geen voorjaarshelmbloem herkennen. 🙂 Een meer verfijnde activiteit buiten ‘wie heeft er de meeste prestige op enig moment’.

Leverbloem met Trudy bij Poptaslot

Ja dat is een omslachtige verklaring, en toch werkt het zo ongeveer. Alle menselijk handelen begint bij een ‘idee’, dat mensen op anderen overdragen. Dat idee kan cultuur-vormend, of cultuurafbrekend werken. Het ‘Oud is Fout’- Marxisme sloopt alles dat oud was, en is alleen maar in ‘toekomst’ en De Nieuwe Tijd geïnteresseerd. Of nieuwe producten.

Terwijl je van levende traditie- kennis van mensen die voor je leefden- ook zelf kunt leren en daar je eigen ding aan kunt toevoegen zonder het te slopen.

Via kennis leer je iets waarderen, waar je eerder geen oog voor had. Beschaving en cultuur zijn daarnaast een troost: je kunt ontsnappen aan de barbaarse neigingen van je mede-mensen via kunst, natuurbeleving, muziek.

Het sociale gekonkel is wel het minst verheffende aan mensen: wat mensen kunnen MAKEN, dat maakt mensen de moeite waard. Zie ook deze fruitbomen hier.

Geniale fruitbomen bij Poptaslot

Het goede nieuws: de ondergang van Stinzentuinen is allerminst voltooid.  Deze voorjaarsweek staan ze in bloei, God’s eigen voorjaars-vuurwerk van kleuren dat ieder jaar uit de grond schiet.

Goed nieuws, het mooie is er nog: voorjaars-helmbloem bij Poptaslot Marsum met laan van Walnoten-bomen. Machtig!

In het boekje Stinzenplanten, bloemenpracht rond Friese Stinzen en States van DTE Van der Ploeg (1988) las ik dat de naam Stinzenplant pas 1923 voor het eerst door een botanicus/bioloog werd opgetekend, Dr J. Botke in zijn heemkunde van De Gritenij Dantumadiel.

Het betreft merendeels door de adel en welgestelden uit de 17/18de eeuw geimporteerde ‘exoten’ uit andere delen van Europa. In gebieden met geschikte door mensen bewerkte grond verwilderden die planten. Zoals ook de narcis.

Blauwe druif bij kerkhof Peins, ze verwilderden ook buiten stinzentuinen op omgewoelde grond

En net als de tulp die Carolus Clusius in 1576 vanuit Turkije hielp introduceren (vernoemd naar Turkse tulband), werkten die bloemen in je tuin status-verhogend. Zo had je als koopman of oude adel bij echte rijkdom ook een dierentuin met exotische dieren, om je gasten te tonen.

Waar moderne mensen nu hun breedbeeld-TV showen, hun altaar voor consumptie-verering en dagelijkse beïnvloeding.

En dus vind je de stinzenplanten van de Martenatuin zelfs tussen het grint in Peins, dit lijkt wel Chionodoxa

Bedenk dat de wereld verkennen en exotische streken zien- het toerisme- alleen voorwelgestelden was weggelegd. Die welgestelden lieten hun zoons dan een Grand Tour langs de grote Europese steden maken, en daarvan is de naam ‘toerisme’ ook afgeleid.

Nu leeft, reist, eet en consumeert iedereen een beetje als adel, maar dan meestal zonder de Noblesse Oblige: zonder stand die verplicht. Jai heb Jau Meuning, ik heb Mai meuning!

Veld bosanemonen bij Marsum

Ben je altijd in welvaart opgegroeid, zonder dat je er iets voor moest doen? Dan ga je denken dat beschaving en welvaart vanzelfsprekend is, in plaats van een historische uitzondering.

In cultuur, beschaving en welvaart moet je continue energie steken, want anders valt de zaak als een dood lichaam uit elkaar. Dus misschien voor mij wel een aardige carriere-stap. Omscholen tot hovenier en terug naar de (hol)wortels.

Als je- zoals ik- eigenlijk maar een hekel aan mensen hebt- dat sociale gekonkel en je al snel mateloos ergert, dan moet je niet een beroep met mensen kiezen. 🙂

Holwortel bij Martenastins

Als Homo non-universalis– de mens die nergens in uitblinkt- is journalistiek echter een aardige manier om de wereld te exploreren. Je hoeft er niets voor te kunnen, behalve doen alsof je wel iets kunt.

Je meent altijd dat wat je zegt en denkt er ontzettend toe doet. Dat hoeft niet zo te zijn 🙂

Misschien herken ik daarom wel de huidige ‘tijdgeest’ zo goed: zo zonder enige verantwoordelijkheid, zonder kinderen en met een vleugje hedonisme, zo leef ik zelf namelijk ook tot nu toe. Wat geen reden is om dat te blijven doen. En zo kom je daar toevallig na bezoek aan je geboorteplaats achter.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *